Zo verbeter je jouw tweehands backhand: van onzeker naar onverslaanbaar

Zo verbeter je jouw tweehands backhand: van onzeker naar onverslaanbaar

De tweehands backhand is voor veel clubspelers een slag die ongemakkelijk aanvoelt. Terwijl je forehand soepel en krachtig over het net vliegt, voelt de backhand vaak stijf, ongecontroleerd of simpelweg zwak. Herkenbaar? Dan ben je niet de enige. Maar het goede nieuws is: met de juiste techniek, oefeningen en mentale instelling kun je van je backhand een wapen maken dat tegenstanders verrast.

Waarom de tweehands backhand zo lastig voelt

Bij een forehand draai je je lichaam op een natuurlijke manier van je dominante kant weg. Bij de backhand moet je juist de andere kant op draaien, wat voor veel spelers onnatuurlijk aanvoelt. Bovendien gebruik je twee handen op het racket, wat de bewegingsvrijheid beperkt — althans, zo voelt het in het begin. In werkelijkheid geeft die tweede hand je juist meer stabiliteit en controle, mits je de techniek goed uitvoert.

Een veelgemaakte fout is dat spelers de backhand vooral met hun dominante arm proberen te slaan, terwijl de niet-dominante hand (bij een rechtshandige speler dus de linkerhand) eigenlijk het meeste werk zou moeten doen. Zie het als volgt: je tweehands backhand is eigenlijk een forehand met je niet-dominante arm, ondersteund door je andere hand. Zodra je dat principe begrijpt, valt er een puzzelstukje op zijn plek.

De juiste grip: het fundament van alles

Zonder de juiste grip kun je technisch nog zo goed zijn, maar zul je nooit het maximale uit je backhand halen. Voor de tweehands backhand gebruik je met je dominante hand een continentale grip (de “hamergreep”) en met je niet-dominante hand een eastern of semi-western forehandgrip. Dit zorgt ervoor dat het racketvlak bij het contactpunt in de juiste hoek staat.

Een simpele test: sla een paar backhands en kijk waar de bal naartoe gaat. Vliegt hij structureel te hoog of te laag? Dan klopt je grip waarschijnlijk niet. Experimenteer met kleine aanpassingen totdat je merkt dat de bal consistent op de gewenste hoogte over het net gaat.

Snelle griptip voor op de baan

Leg je racket plat op de grond en pak het op alsof je het optilt — dat is ruwweg de continentale grip voor je dominante hand. Draai vervolgens je niet-dominante hand naar een positie alsof je er een forehand mee zou slaan. Klaar. Oefen dit wisselen tussen punten door totdat het automatisch gaat.

De draaiing van je lichaam: daar zit de kracht

Veel spelers proberen kracht te genereren met hun armen, maar de echte motor van een sterke backhand is je lichaamsrotatie. Begin met een goede schouderdraai naar achteren zodra je ziet dat de bal op je backhandkant afkomt. Je schouders moeten bijna negentig graden draaien ten opzichte van het net. Vervolgens draai je vanuit je heupen en schouders naar voren, waarbij je armen als het ware “meegesleept” worden.

Vergelijk het met het gooien van een frisbee: je gooit niet vanuit je pols, maar vanuit een draaibeweging van je hele bovenlichaam. Hetzelfde principe geldt voor je backhand. De armen sturen, het lichaam levert de kracht.

Drie oefeningen die direct verschil maken

1. De droge zwaai

Oefen thuis of op de baan zonder bal. Concentreer je puur op de beweging: schouderdraai, gewichtsverplaatsing, doorslag. Doe dit twintig keer achter elkaar en voel hoe de beweging soepeler wordt.

2. Korte ballen vanaf de servicelijn

Ga met een trainingspartner op de servicelijn staan en sla rustig backhands naar elkaar. Door de kortere afstand hoef je minder kracht te gebruiken en kun je je volledig richten op techniek en timing.

3. De emmeroefening

Zet een emmer of kegel op de helft van het tegenoverliggende speelveld. Probeer met je backhand de emmer te raken. Dit traint niet alleen je richting, maar ook je concentratie en consistentie. Begin dichtbij en vergroot geleidelijk de afstand.

De mentale kant: vertrouw je backhand

Techniek is belangrijk, maar het mentale aspect wordt vaak onderschat. Hoeveel keer loop je om je backhand heen om toch maar een forehand te slaan? Waarschijnlijk vaker dan je denkt. Elke keer dat je dat doet, bevestig je voor jezelf dat je backhand niet goed genoeg is. Doorbreek dat patroon. Dwing jezelf in trainingen om bewust voor je backhand te kiezen, zelfs als je ook een forehand zou kunnen slaan. Hoe vaker je de slag speelt, hoe meer vertrouwen je opbouwt.

Een uitdaging voor je volgende training

Speel een set waarin je minimaal de helft van je slagen met je backhand speelt. Het maakt niet uit of je wint of verliest — het gaat erom dat je de slag onder druk leert vertrouwen. Je zult merken dat na een paar van dit soort sessies je backhand niet langer je zwakke kant is, maar een betrouwbare slag waar je op kunt bouwen.

Je backhand hoeft niet perfect te zijn om effectief te zijn. Wat het verschil maakt tussen een speler die zijn backhand ontwijkt en een speler die ermee scoort, is niet talent — het is bereidheid om te oefenen, fouten te maken en door te zetten. Pak die punten mee uit dit artikel, neem ze mee naar de baan en geef jezelf de tijd. Over een paar weken sla je backhands waar je tegenstander stil van wordt.

Tennisnieuws.nl

Column Robert Hesen: De tennissport kan wel wat rafelrandjes gebruiken

Zo verbeter je jouw retourslag: van zwakke plek naar wapen

Zo verbeter je jouw retourslag: van zwakke plek naar wapen

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *