Zo verbeter je jouw tweehands backhand in vijf stappen

Zo verbeter je jouw tweehands backhand in vijf stappen

De tweehands backhand is voor veel clubspelers een slag die óf hun grootste wapen is, óf hun grootste frustratie. Je kent het vast: je voelt je comfortabel aan de forehandzijde, maar zodra de bal naar je backhand komt, verlies je vertrouwen. Het goede nieuws? Met de juiste aanpak kun je jouw tweehands backhand in relatief korte tijd flink verbeteren. In dit artikel neem ik je stap voor stap mee door de belangrijkste aandachtspunten.

Stap 1: De juiste greep maakt het verschil

Alles begint bij hoe je het racket vasthoudt. Bij een tweehands backhand gebruik je twee handen, logisch, maar de verdeling van de grip is cruciaal. Je dominante hand (de onderste) houdt het racket vast in een continentale greep — dezelfde greep die je ook voor je service gebruikt. Je niet-dominante hand (de bovenste) pakt het racket vast alsof je een forehand slaat met die hand, dus in een semi-western of eastern forehandgreep.

Een veelgemaakte fout is dat spelers hun onderste hand te veel laten domineren. Probeer het eens zo te zien: je bovenste hand is de motor van de slag, je onderste hand stuurt en stabiliseert. Als je merkt dat je backhand vaak vlak en krachteloos is, controleer dan of je bovenste hand genoeg werk doet.

Stap 2: De voorbereiding — draai vanuit je schouders

Een goede backhand begint niet bij je armen, maar bij je schouderrotatie. Zodra je ziet dat de bal naar je backhandkant komt, draai je je schouders naar achteren. Stel je voor dat je een deur opent met je schouder: je bovenlichaam draait als één geheel mee. Je racket gaat automatisch mee naar achteren zonder dat je je armen actief hoeft te bewegen.

Veel spelers maken de fout om alleen hun armen naar achteren te trekken, zonder hun lichaam mee te draaien. Het gevolg? Te weinig kracht en een slag die volledig op armkracht leunt. Door je schouders goed te draaien, sla je de energie op in je romp — vergelijk het met het aanspannen van een elastiek dat je straks weer loslaat.

Stap 3: Het contactpunt — voor je lichaam

Het ideale contactpunt bij een tweehands backhand ligt vóór je voorste heup. Dat klinkt misschien abstract, dus probeer het volgende: ga in je slaghouding staan en strek je armen naar voren. Het punt waar je racket zich dan bevindt, is ongeveer waar je de bal wilt raken.

Sla je de bal te laat — dus naast of zelfs achter je lichaam — dan verlies je controle en richting. Een handige oefening is om een trainingspartner of ballenmachine ballen te laten voeren op je backhand, terwijl jij je uitsluitend concentreert op het raken van de bal vóór je lichaam. Overdrijf het in het begin gerust: liever iets te vroeg dan te laat.

Stap 4: De doorslag — volg door naar je schouder

Na het contactpunt is de doorslag (of follow-through) minstens zo belangrijk. Je racket moet na het raken van de bal doorswingen richting je rechterschouder (voor rechtshandige spelers). Denk aan het beeld van een honkbalspeler die zijn slag afmaakt: het racket eindigt hoog, over je schouder.

Een korte, afgekapte doorslag is een teken dat je te gespannen slaat of te veel controle probeert te houden. Laat het racket vrij doorswingen. Dit zorgt niet alleen voor meer kracht, maar ook voor meer topspin. En topspin is je beste vriend op de tennisbaan: het geeft je bal een boog over het net én laat hem binnen de lijnen vallen.

Stap 5: Voetenwerk — de onzichtbare sleutel

Je kunt de perfecte techniek hebben, maar zonder goed voetenwerk kom je nergens. Bij een tweehands backhand wil je idealiter een gesloten stand aannemen: je voorste voet (de rechtervoet voor rechtshandige spelers) wijst naar het net, en je staat zijwaarts ten opzichte van de baseline.

Neem kleine aanpassingsstapjes om jezelf in de juiste positie te brengen. Grote, lompe stappen zorgen ervoor dat je uit balans raakt. Kijk eens naar hoe Novak Djokovic beweegt: hij lijkt altijd moeiteloos op de juiste plek te staan, maar dat komt door honderden kleine stapjes tussen elke slag. Oefen dit bewust tijdens de training door na elke slag terug te bewegen naar het midden en opnieuw kleine stappen te nemen richting de bal.

Bonustip: train je backhand bewust

De meeste clubspelers vermijden onbewust hun zwakkere kant tijdens het vrij spelen. Maak er een gewoonte van om tijdens trainingssets minstens de helft van je slagen naar je backhand te sturen. Vraag je trainingspartner om bewust op je backhand te spelen. Alleen door herhaling bouw je het vertrouwen op dat je nodig hebt in wedstrijden.

Uiteindelijk is jouw tweehands backhand niet anders dan elke andere vaardigheid: het vraagt om geduld, bewuste herhaling en de bereidheid om even oncomfortabel te zijn. Begin met één van de vijf stappen hierboven, werk eraan tot het natuurlijk aanvoelt, en voeg dan het volgende element toe. Voor je het weet, is die backhand niet langer je zwakke punt, maar het wapen waarmee je je tegenstander onder druk zet. En dat gevoel — wanneer je die crosscourt backhand precies op de lijn plaatst — is precies waarom we allemaal van tennis houden.

Tennisnieuws.nl

Historische mijlpaal in New York: Alexander Blockx stoot op de US Open voor het eerst door naar de 3e ronde op een Grand Slam

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *